Copy url from this page and replace it :(translate to English).(translate to Danish).(translate to German).(translate to French).(translate to Spanish).
De tien antithesen
  1. Wie overtuigd is van bepaalde rechtlijnige beredeneringen begeeft zich binnen een tunnelvisie ten aanzien van de werkelijkheid. Slechts samenhangende begrippen (een geheel van) over de werkelijkheid leiden tot de juiste visie en overtuigingen.
  2. Aannames over de werkelijkheid kunnen nooit waarachtige visies bewerkstelligen.
  3. Geschriften welke als heilig aanschouwd worden, verliezen hun zeggingskracht wanneer deze onwaarheden bevatten. Wanneer een veelheid aan onwaarheden niet accordeert met wat feitelijk aangetoond is, is er geen sprake meer van ontheiligen maar van heil.
  4. Er bestaat géén hemel of paradijs omdat er géén zielen bij mensen bestaan welke kunnen gaan hemelen. Bij mensen bestaat er géén ziel omdat er een brein bestaat. Een brein heeft 5 componenten, welke allesomvattend zijn, te weten het bewustzijn, het onderbewustzijn, het lange termijngeheugen, het korte termijngeheugen en het gevoel. Dit is wat het brein is en niets anders. De meer begrippen binnen het brein één geheel vormen, de meer begrepen wordt dat er géén ziel is. De overeenkomsten met het brein van zoogdieren bevestigen dit oftewel reduceert het begrip hierover.
  5. De 'eeuwige zoektocht' binnen bepaalde (religieuze) overtuigingen kunnen niet door staving aan het dagelijks leven getoetst worden.
  6. Het 'scheppingsverhaal' is der mate onwaarschijnlijk dat gezegd kan worden dat het níet de waarheid is, en dus niet heeft plaatsgevonden. De planeet Aarde, waarvan aangetoond is dat deze miljarden jaren evolutie heeft doorstaan, te midden van miljarden andere hemellichamen, binnen het veel oudere heelal, geeft aan dat een schepping binnen die enorme tijdsspanne een belachelijke beredenering is.
  7. Geloven in een geloof dat weinig geloofwaardig is, is geloven in naïviteit. Wie gelooft in naïviteit is een onnozelaar.
  8. Wederopstanding van een dode is onmogelijk vanwege de fysieke omstandigheden én vanwege dat er ook geen niet-stoffelijke omstandigheden zijn daartoe. Vanwege dezelfde begrippen is reïncarnatie naar andere levensvormen ook niet mogelijk.
  9. Het niet aanvaarden van de enig juiste inzichten belemmert wereldwijd een goede samenleving, sterker nog, bewerkstelligt dood en verderf.
  10. Het opdringen of aanleren van aannames over het bestaan van een God is zinsbegoocheling, welke hardnekkiger (pervasief) wordt naar mate men er méér van overtuigd is.

Zie ook